Alhoewel we nog midden in een lockdown zitten, zal het voor veel ouders toch voelen alsof er weer wat licht aan de horizon gloeit. De basisschoolkinderen mogen weer naar school en dat geeft lucht. Natuurlijk zijn er genoeg gezinnen waar het thuiswerken geen probleem opleverde maar in de regel vinden ouders het zwaar. Bij ons thuis was het in ieder geval een grote uitdaging om die acht weken door te komen. Ondanks dat er speciaal onderwijs scholen opengingen om de kwetsbare leerlingen op te vangen was de ZMLK school van onze zoon helemaal dicht.

Wannneer ben je kwetsbaar? 

De politiek heeft het aan de scholen gelaten om te bepalen of ze opengingen of niet. Ze ‘mochten’ open voor kwetsbare leerlingen. Maar ja, wat zijn dat precies, kwetsbare leerlingen? Daar blijken de mengingen over verdeeld. Kwetsbaar ben je wanneer je thuisomstandigheden niet goed of niet veilig genoeg zijn om thuisonderwijs te volgen. Je bent ook kwetsbaar wanneer je ouders de taal niet machtig zijn of wanneer je in groep 8 zit in een gemengde school. Sommige SO scholen vonden leerlingen wel kwetsbaar, andere scholen vonden dat niet.

Noodopvang is bedoeld voor kinderen van ouders met een cruciaal beroep of kinderen met een kwetsbare thuissituatie. Op reguliere basisscholen werd dat begrip soms wat breder toegepast en werden kwetsbare kinderen en kinderen met een diagnose, ook toegelaten. Het gevolg was dat tijdens deze tweede lockdown significant meer leerlingen gebruik maakten van noodopvang dan tijdens de eerste.

Geen duidelijk beleid

Door de verantwoordelijkheid bij de sector te leggen, geeft de regering ruimte aan de scholen om zelf in te schatten of zij het verantwoord vonden om open te gaan en/of eventueel noodopvang toe te wijzen. Dat roept de vraag op; wanneer is het verantwoord? Het gevaar voor besmetting blijft immers bestaan, ook nu de scholen weer open zijn.

Het heeft in de praktijk gezorgd voor een willekeur aan beleid. Onze zoon met downsyndroom, die normaliter in een laag functionerend klasje binnen het ZMLK zit, heeft bijna acht weken thuis gezeten. Hij is aangewezen op intensieve begeleiding in kleine groepjes en online onderwijs is niet geschikt voor hem met als gevolg dat hij voor zijn dagbesteding een groot beslag op zijn aanwezige ouder legt. Daar had zijn middelste broer, die in groep 7 thuisonderwijs moest volgen, regelmatig last van. Daarentegen mocht zijn jongste zusje naar de noodopvang vanwege haar ADHD. Toch bijzonder dat je daar met Downsyndroom dan niet voor in aanmerking komt.   

Zeer moeilijk leren is geen grondslag

Kinderen die naar speciale scholen gaan omdat ze zeer moeilijk leren, waren tijdens deze lockdown niet per definitie kwetsbaar. En uiteraard is er binnen het ZMLK een behoorlijk niveauverschil tussen de groepen. Toch werden alle leerlingen over éen kam geschoren en werd er één lijn getrokken voor de hele school. Hoe zou dat uitpakken wanneer ziekenhuizen zelf mogen bepalen of ze opengaan? Als supermarkten dicht blijven en wanneer de politie en brandweer thuis mogen werken omdat ze het gevaar voor besmetting te groot achten? Waarschijnlijk zou dan iedereen op haar achterste benen staan.

Kinderen die veel structuur nodig hebben, die ervaringsgericht leren en heel lang en intensief begeleid moeten worden in hun leerproces, die ‘mogen’ van onze regering wel gewoon thuis zitten. Kinderen die vaak geen vriendjes of vriendinnetjes in de buurt hebben en daardoor acht weken afgesneden waren van hun sociale omgeving. 

De ouders van deze kinderen hadden de schone taak de intensieve begeleiding te combineren met het thuisonderwijs van eventueel andere kinderen en tussen de bedrijven door mochten zij hun eigen werk doen. De angst dat je tekortschiet in de begeleiding van je kinderen en de vrees dat je ZEER MOEILIJK LERENDE KIND steeds inactiever wordt en alle vaardigheden die hij met veel pijn en moeite geleerd had, weer vergeten is, moet je maar wegdrukken. Hoe je collega’s over je denken wil je misschien al helemaal niet meer weten. 

Onderwijs is cruciaal 

De angst voor besmettingen kun je de leerkrachten niet kwalijk nemen. Het probleem zit hem in de politiek. Die draagt onvoldoende uit dat onderwijs een cruciaal beroep is door de keuzevrijheid bij de sector neer te leggen. De prioriteit zou moeten liggen op het faciliteren van passend onderwijs. Online kan een oplossing zijn zolang nodig/mogelijk maar fysiek wanneer dit niet passend is.

Mocht er een derde lockdown komen, dan hoop in van ganser harte dat er lering getrokken is uit de eerste twee. Tussen helemaal dicht en helemaal open, zit nog genoeg ruimte voor creativiteit. Waarom moet het óf in een volle klas óf volledig thuis? Misschien is dit een uitgelezen kans om eens helemaal out of the box te denken over het geven van onderwijs. Zowel in het speciaal onderwijs maar zeker ook in het reguliere basisonderwijs, kunnen we onze visie op leren eens onder de loep te nemen.

Laten we de komende tijd gebruiken om te brainstormen over leervormen die veilig gegeven kunnen worden. Zo kan een themales in de open natuur heel leerzaam zijn of een timmerles op het schoolplein om te leren hoeveel centimeter in een meter zitten en wat een haakse hoek is. Leren kan op allerlei manieren en het leven is één grote school dus laten we ons niet beperken tot die paar vierkante meters in het leslokaal! 

Wil je meer lezen van De Andere Zaak?

Schrijf je dan in en ontvang regelmatig updates en de nieuwste blogs.

Pin It on Pinterest

Share This